IK WIL BEGRAVEN WORDEN
- 2 dec 2025
- 2 minuten om te lezen
Deze column werd gepubliceerd jn het Magazine Ypsilon Nieuws nr. 3. Edith Brouwer maakte de linosnede
Ik wil begraven worden
Paniek bij de GGZ. We worden gebeld door de persoonlijk begeleider van mijn zus. Er is crisisberaad. Mijn zus is suïcidaal en er wordt een plan gemaakt voor de juiste begeleiding en daar willen ze ook graag de familie bij betrekken.
Het was ons bij onze bezoekjes niet opgevallen, niets wees er op dat ze levensmoe zou zijn. Ze houdt ons graag op de hoogte van alles wat ze doet om gezond te blijven: fietsen op haar hometrainer, droogfietsen op haar op de gang geparkeerde duo-fiets, heen en weer lopen op het schuinoplopende pad in de binnentuin, wandelen naar het Trefpunt waar de lekkere snacks je toelachen. Regelmatig neemt ze iets zoetigs en verklaart dan: “Je lichaam heeft ook suiker nodig, dat is belangrijk”. Als er met de groep gewandeld wordt is ze er bij en duwt zonder morren de rolstoel van minder mobiele groepsgenoten. Het liefst had ze tot op de dag precies willen weten hoe oud ze wordt, de wisselende antwoorden van de begeleiders verontrusten haar. “Zeker tachtig”, “je kan wel honderd worden”, en “er zijn mensen die 116 worden”. Bij ons, haar zussen, checkt ze regelmatig wat wij van die antwoorden van de begeleiders denken en wat we er zelf van vinden. Ik zeg dan eerlijk dat niemand weet wanneer het zijn of haar beurt is, maar dat ze uit een familie met een sterk gestel komt, dus dat ze vast wel 89 kan worden.
Alarmbellen
Nu lag er een briefje klaar voor de begeleiders, geschreven in de bekende hanenpoten: IK WIL BEGRAVEN WORDEN OP HET KERKHOF VAN APPELSCHA. Zo’n briefje doet alle alarmbellen rinkelen en zorgt er voor dat het protocol suïcidegevaar onmiddellijk in werking wordt gesteld. Gesprekken tussen mijn zus en haar persoonlijk begeleider, praten met de psychiaters, actualiseren van het signaleringsplan en nu een familiegesprek. Ze maken zich grote zorgen, gezien het recente overlijden van mijn ouders en de impact die dat had op mijn zus. We spreken haar ook over het voorval.
Mijn zus begrijpt niet waar ze het over hebben. “Ze maken veel te veel drukte”, zegt ze, “Ik wil gewoon laten weten wat ik wil”. En dat is niet onverstandig. Onze familie laat zich graag cremeren zonder poespas. We laten de as verstrooien op de plek die het minste moeite kost: op het uitstrooiveld bij het crematorium. Dat is niet wat mijn zus wil: “Ik wil begraven worden in het dorp waarin ik ben opgegroeid en ik wil een steen hebben zodat je bij me langs kunt komen om aan me te denken”.
Een week na al die gesprekken ligt er weer een briefje van mijn zus voor de begeleiders: NA EEN LANG LEVEN WIL IK GRAAG BEGRAVEN WORDEN OP HET KERKOF IN APPELSCHA.


.png)



Opmerkingen